Een afwerking is een aparte productiehandeling
Foliedruk, spotlak, witte inkt en contoursnijden worden niet automatisch uit de zichtbare vorm herkend. De productie heeft een afzonderlijke vectorlaag of steunkleur nodig die exact aangeeft waar de bewerking komt.
Gebruik altijd de naam, kleurinstelling en overdrukinstelling uit de productspecificatie. Een bijna juiste naam kan door de productiesoftware als gewone drukkleur worden gezien.
Praktische opbouw
- Maak de afwerking als afzonderlijke steunkleur en niet als CMYK-mengkleur.
- Gebruik vectorvormen met gesloten paden voor snij- en freescontouren.
- Controleer of de productielaag op de juiste positie boven het ontwerp staat.
- Laat belangrijke tekst en kleine details uit de buurt van vouw-, snij- en rillijnen.
- Verwijder de visuele werktekening uit de productiepagina, maar behoud de vereiste productielijnen.
Materiaal bepaalt het effect
Dezelfde afwerking oogt anders op gestreken papier, ongestreken papier, kunststof of textiel. Kleine uitsparingen, zeer dunne lijnen en fijne rasterdetails kunnen technisch niet haalbaar zijn. Kies daarom eerst materiaal en afwerking en bouw daarna het bestand met de bijbehorende werktekening op.
Bestand klaar?